GVB 410, Parade 100 jaar tram, Bilderdijkstraat, 16 september 2000
Foto: René Gerhards

Home > Tram > Electrische tram > Serie > Serie 36 (410)

Gemeentevervoerbedrijf Amsterdam -
Motorrijtuig
410

Motorrijtuig:
410
Type: Geleed Lagevloer Motorrijtuig
Aantal: 1 Stuks
Bouwjaar: 2000
In Dienst: 2000
Fabrikant: Siemens, Krefeld(Duitsland)
Uitvoering: Eénrichting-tram
Truckstellen: 3 stuks
Wagenbakken:
5 stuks
Motoren:
Voith 4 x 100 KW
(Voorste truckstel 2 Stuks & Achterste truckstel 2 Stuks)
Electrische remmen:

op voorste, middelste en achterste truckstel telkens 2 stuks
Minimale boogradius:
17 meter (bij leeggewicht)
Maximale snelheid:
70 km/uur
Aandeel lage vloer:
100 %
Asvolgorde:
Bo'2'Bo
Breedte:
2,30 meter
Lengte:
30,52 meter
Hoogte:
3,51 meter
Instaphoogte:
300 mm
Gewicht:
31.000 kg
Motorvermogen:
4 x 100 kW
Hart op hart afstand truckstellen :
11,44 meter
Radstand truckstellen(gemotoriseerd en looptruckstel) :
1,80 meter
Passagiersindeling: :
68-107
Lengte Kopbakken(voor en achter):
5995 mm
Lengte zwevende tussenbakken:
7400 mm
Lengte gemotoriseerde tussenbak:
4040 mm
Deuropening enkele deur(deur 1 & 6):
650 mm
Deuropening dubbele deur(deur 2 t/m 5):
1300 mm


Op 20-12-1996 tekende de Verkehrsbetrieb in Potsdam(ViP) in het Duitse Potsdam het verdrag met Siemens voor de levering van
48 vijfdelige Combino-trams tussen 1998 en 2009, waarbij er elk jaar 4 exemplaren geleverd zouden worden.
In 1998 kwamen de 401-404 als eersten in dienst op het ViP-tramnet.

De geschiedenis van de Combino-tram gaat terug naar 1994, toen de ontwikkeling werd gestart om een nieuwe 100% lagevloer tram te vervaardigen, welke middels modulebouw kon worden vervaardigd. Op 3 juli 1996 werd het prototype gepresenteerd, welke na proefritten bij Siemens naar diverse trambedrijven ging om daar testritten te verzorgen met als doel om de wagen verder uit te testen en tevens in de hoop om orders binnen te slepen voor de bouw van een serielevering aan die stad, waar de tram op dat moment zijn proefritten deed. Zo ging de wagen eerst naar Düsseldorf en vervolgens naar Berlin, Wien, Barcelona, Erfurt en Basel.
Van 1 juli t/m 25 september 1997 verbleef de wagen vervolgens in Potsdam, waaruit dus de bovengenoemde bestelling voortvloeide.
In een later tijdstip zou de wagen ook enige dagen in Amsterdam rondrijden(zie serieblad 132), waaruit de seriebestelling van 155 exemplaren voor Amsterdam zou voortvloeien. Het prototype ging overigens in 2001 over in beheer bij het trambedrijf in Potsdam en zou pas vele jaren later, in 2009, als volwaardige tram in Potsdam beschikbaar komen voor de reizigersdienst.

In september 1997 begon men met de bouw van de eerste Combino in serieproductie, de 401 voor Potsdam, welke een jaar later gereed kwam. Op 9 oktober 1998 werd de tram afgeleverd in Potsdam en werd op 22-10-1998 aan pers en publiek gepresenteerd.
In 2001 werden de wagens 413-416 als vierde bouwfase afgeleverd. Door financieringsproblemen werden de leveringen voor de jaren 2002 t/m 2004 opgeschort en toen stak op 12 maart 2004 het Combino-drama de kop op. Er werden scheuren ontdekt in de constructie, zodat de levering voorlopig werd stopgezet aan Postdam. De constructie van het dak bleek in de buurt van de geledingen te scheuren, hetgeen in Basel als eerste was geconstateerd. Hierop maakte Siemens bekend dat bij trams met meer dan 120.000 kilometer op de teller de veiligheid niet meer kon worden gegarandeerd. In wat als snel de "Combino-Crisis" ging heten werd aan de Combino-gebruikers verzocht die trams tijdelijk uit dienst te nemen. In Augsburg, Düsseldorf, Erfurt, Freiburg im Breisgau, Nordhausen, Potsdam, Basel en Hiroshima werden de Combino's op 21 maart 1994 meteen uit dienst genomen. In Amsterdam was dat op dat moment nog niet nodig. Het probleem was ontstaan doordat de constructie niet sterk genoeg was voor de grote krachten die op trams zonder draaistellen inwerken. Siemens was bij het ontwerp per ongeluk uitgegaan van de krachten die inwerken op gewone trams, mét draaistellen. Volgens de Duitse krant Junge Welt van 23 april 2004 was de constructiefout niet meer te herstellen en zou de productie worden stopgezet. Op 18 mei 2004 maakte het Duitse dagblad Rheinische Post bekend dat Siemens een geheel nieuwe tram zou ontwikkelen. De bestaande Combino's zouden worden gesloopt. De motoren en wielconstructies hiervan konden worden hergebruikt. Een en ander zou volgens de Rheinische Post in een interne brief van Siemens staan. Siemens ontkende dat de ontwikkeling van een nieuwe tram noodzakelijk zou zijn. In verband met schadeclaims diende Siemens over het boekjaar 2004 aanmerkelijke voorzieningen te treffen, als gevolg waarvan het bedrijfsresultaat van de divisie Transportation Systems uitkwam op € -434 miljoen. Dit alles had tot gevolg dat Potsdam de bestelling van de resterende 32 tramwagens afgezegd, zodat het bij de 16 aanwezige wagens bleef. Met wagen 272 van Freiburg im Breisgau werd verouderingsproeven gehouden om uit te vinden hoe de wagen zich zou houden als de tram 30 jaar oud zou zijn. Hierbij stortte op een gegeven moment het dak van de wagen compleet in, maar het gaf Siemens wel inzicht hoe zij het probleem voor de inmiddels wereldwijd 450 geleverde Combino-trams moest oplossen. Er moest een grootscheepse modificatie worden uitgevoerd, waarbij alle wagens moesten worden teruggeroepen naar één van de Siemens-vestigingen, om daar de modificatie in de vorm van het aanbrengen van diverse verstevigingen etc. aan te brengen. Inmiddels had men wat noodmaatregelen genomen, om de wagens voorlopig in dienst te kunnen stellen. In de periode oktober 2007 t/m december 2008 werden de 16 Potsdamse Combino's gemodificeerd en zijn sindsdien weer volledig inzetbaar. Door de crisis werd divers reeds buiten dienst gesteld Tatra-materieel en zelfs enkele museumwagens tijdelijk in Potsdam terug in dienst genomen om het ontstane materieeltekort enigszins te ledigen.

In het jaar 2000 was er echter nog geen vuiltje aan de lucht en vierde het GVB in Amsterdam het honderdjarig bestaan van de elektrische tram in de Nederlandse hoofdstad. Om het publiek in de jubileumparade alvast een voorproefje te geven van de nieuwe Combino-tram, die het Amsterdamse straatbeeld vanaf 2002 zou gaan veroveren, werd vanuit Potsdam voor deze jubileumviering een Combino-wagen geleend om in Amsterdam het jubileumfeest luister bij te zetten.

Op 14-09-2000 werd wagen 410 van de ViP in Potsdam(Duitsland) per trailer afgeleverd in de HWT in Diemen. Na enkele aanpassingen, waarbij de wagen onder andere van een VeTag-installatie werd voorzien, reed hij in de middaguren proefritten over het HWT-terrein en ging 's-nachts op proefrit door de stad. Op 15-09-1999 werd de wagen op de Dam gepresenteerd aan pers en publiek. De wagen was gelijk aan de aan Amsterdam te leveren wagens, met dien verstande dat de tweede zwevende bak voor de Amsterdamse levering in een kortere uitvoering met slechts één deurpartij.

Op 16-09-2000 reed de wagen mee in de optocht 100 jaar GVB. Tijdens de parade werd de wagen op de Dam gedoopt tot "Amsterdam". Alle Combino's van Potsdam kregen in de loop der jaren de naam van één van de steden, waar het model Combino rondreed, als naam opgeprikt. Hierna ging de wagen weer naar de remise en werd daarbij die avond voorzien van een geplakte totaalreclame, waarbij de tram reclame maakte voor de Bundesgartenschau(een soort mengelmoes van onze Floriade en een grote landbouwtentoonstelling), welke in 2001 in Potsdam gehouden zou worden. Hierbij maakte de wagen met Nederlandse opschriften tevens reclame voor de toeristische activiteiten die in de stad te beleven zijn, zoals het beroemde "Holländisches Viertel" en het paleis Sanssouci.

Op 17-09-2000 maakte de wagen 's-ochtends een rondrit met de burgemeester van Potsdam, de heer Platzeck, waarbij de wagen om
12 uur ook nog even op het spoor voor het paleis op de Dam stond. Aangezien dit spoor een paleis onwaardig was, werd dit eind september 2000 verwijderd en was deze Potsdamse tram hiermee tevens dé laatste tram die dit spoor bereed.

Aansluitend werd de wagen in de middag ingezet voor gratis pendelritten tussen het Centraal Station en het Weteringcircuit via de route Damrak - Rokin - Vijzelstraat vv. In de reclamekleuren groen, geel en rood reed de wagen deze pendelritten. Tijdens de parade de dag ervoor had de wagen nog in de Potsdamse groen/witte huisstijlkleur zijn rit gereden.

Op 18-09-2000 werd voor hobbyisten een rondrit gereden, waarbij zij tevens als "levende ballast" dienden bij de proeven met het rijden over de geknikte brug in de Roetersstraat.

Op 20-09-2000 werden met de wagen nog enkele technische ritten voor het GVB gemaakt, waarna de wagen naar de HWT ging voor de uitbouw van de extra GVB-apparatuur.

Op 20-09-2000 ging de wagen vervolgens terug naar Potsdam, waar de totaalreclame voorlopig werd behouden, zij het dat de Nederlandse teksten uiteraard door Duitse werden vervangen.

Wagennr. Aflevering bij GVB Wagen uit de ViP-serie Serie gebouwd in In Dienst bij GVB Laatste inzet bij GVB Afvoer bij GVB Afvoer naar
410 14-09-2000 409-412     2000 16-09-2000 18-09-2000 20-09-2000 Retour naar de ViP, Potsdam, Duitsland









                 






Traminfo.nl © 2003-2015 | Contact  | Colofon | Disclaimer | Links