GVB 341, Lijn 11, Zwanenburgwal, 195x
Foto: onbekend

Home > Tram > Electrische tram > Serie > Serie 8 (321-390)

Gemeentevervoerbedrijf Amsterdam - Serie 321-390

Serie:
321-355 & 356-390
Type: Elektrisch Motorrijtuig
Bouwjaar: 1918-1919
Fabrikant wagenbak: Werkspoor, Amsterdam
Elektrische uitrusting 321-355:
Siemens Schuckert Werke(SSW), Berlin(Deutschland)
Elektrische uitrusting 356-390:
Allgemeine Elektrizitäts Gesellschaft(AEG),
Berlin(Deutschland)
Motorvermogen 321-355: 2x 35 pk(= 25,5 kW)
Motorvermogen 356-390:
2x 36 pk(= 26,5 kW)
Motortype 321-355:
SSW - D 56
Motortype 356-390: AEG - U 140 c
Lengte: 9535 mm(zonder stootbeugels)
Lengte:
9700 mm(met stootbeugels)
Lengte Wagenbak:
5200 mm(zonder balkons)
Lengte Balkons:
2100 mm
Breedte:
2136 mm
Hoogte:
3175 mm
Radstand:
2750 mm
Wieldiameter:
820 mm
Gewicht:
11750 kg
Tandwieloverbrenging 321-355:
16 : 71
Tandwieloverbrenging 356-390:
17 : 78
Nieuwprijs:
fl. 10.100,-(wagenbak)
Nieuwprijs:
fl. 6.500,-(elektrische uitrusting)
Totale Nieuwprijs:
fl. 16.600,-
Passagiersindeling:
20-30



Op 23 september 1916 werden bij Werkspoor de motorwagens 321-390 besteld. Tevens werden de elektrische installaties besteld; zowel AEG als SSW kreeg een order voor de levering van o.a. motoren en schakelkasten voor 35 motorwagens. In beide gevallen moesten hulppoolmotoren van 35 pk worden geleverd.

De aflevering gedurende de jaren 1918/1920(rijkelijk laat!) vond langzaam plaats vooral als gevolg van de moeilijkheden, die werden ondervonden bij het verkrijgen van de benodigde uitvoervergunningen voor zg. compensatiemateriaal, zonder welke uitvoer de levering van de motoren en andere onderdelen van de elektrische uitrusting uit Duitsland niet kon worden verkregen.

Ten opzichte van de serie 236-300 waren er - de elektrische uitrusting buiten beschouwing gelaten - slechts weinig bouwtechnische verschillen. Zo hadden de lage AEG-ers 236-300 vaste treeplanken, bij de 70 nieuwelingen waren ze opklapbaar. De trucks vertoonden kleine voor de ingewijden duidelijke verschillen.

De 321-355 hadden motoren en schakelkasten van de Siemens Schuckert Werke. Deze "Schuckerts", zoals ze wel werden genoemd, hadden een SSW-sleepringkast met 9 rij- en 6 remstellingen.
De 356-390, die ook wel "de hoge AEG-ers" genoemd werden, hadden motoren en schakelkasten van AEG. Deze AEG-sleepringkast had 11 rij- en 7 remstellingen. De naam hoge AEG-ers had niets te maken met de wagenbouw, maar hield alleen verband met het feit dat de oude serie 236-300 een platte en de nieuwe serie een verhoogde schakelkast had.

Beide series waren voorzien van langsbanken, waarop 20 passagiers een zitplaats konden bemachtigen. In de wagens mochten
6 reizigers een staanplaats innemen en op de balkons 12, waarmee de totale capaciteit per rijtuig 50 plaatsen betrof.

Ondanks hun iets zwakkere motoren golden de Siemens Schuckerts als de krachtigste. Zij maakten een enorm loeiend geluid en waren brute remmers. Daarentegen moest je als bestuurder met de hoge AEG-ers, vooral bij nat weer, voorzichtig afremmen, omdat de wagen anders ging glijden. In de wintermaanden was het voor de bestuurder heerlijk om dienst te doen op een Schuckertwagen, want je kon tijdens het rijden zodanig schakelen, dat je - zij het uitdrukkelijk tegen de instructies in - een warme, naar brand ruikende schakelkast kon produceren! En dan maar handjes warmen!

In de beginjaren tot 1924 reden zij oa. op lijn 10 met 2 bijwagens aan de haak. Ze hebben in de loop der jaren alle lijnen 1-19 bediend.

In de periode 1931-1938 werd de donkerblauwe kleurstelling met bruine zijlatten vervangen door grijs/blauw.

In augustus 1933 werden de SSW/D56-motoren van motorwagen 329 door Smit in Slikkerveer opnieuw gewikkeld en werd het vermogen van elke motor opgevoerd van 25,5 kW naar 50 kW(68 pk).

In 1935 werd besloten de trams te voorzien van dwarsbanken. De capaciteit werd toen 18 zit- en 14 staanplaatsen in de wagen en 2x12 plaatsen op de balkons, waarmee de totaalcapaciteit dus 56 plaatsen werd(18-38). In 1936 werd begonnen en in dat jaar werden de 321-346 aangepast. In 1937 en 1938 volgde resp. de 347 en 348, waarna in 1939 geen motorwagen uit deze serie werd behandeld.
In 1940 werden 3 SSW-ers en 1 AEG-er behandeld, gevolgd in 1941 door 10 AEG-ers en nogmaals 5 stuks in 1942. In 1943 werden nogmaals 8 wagens omgebouwd, waarvan 2 AEG-ers en 6 SSW-ers. In 1944 werden wederom 5 AEG-ers behandeld, waaronder de 378 en 387. De 377, 383 en 390, die in 1944 in ombouw gingen, werden uiteindelijk in 1945 voltooid. Uiteindelijk werden 10 wagens, de 354, 355, 374, 376, 379, 381, 385, 386, 388 en 389, niet behandeld en behielden hun langsbanken, zodat in totaal 60 van de 70 wagens van dwarsbanken waren voorzien(33 SSW-ers en 27 AEG-ers).

Nadat de weerstanden van bijna 100 motorwagens in het ongerede raakten door aantasting van het overtollige (gemeentelijke) pekelwater bij het intreden van de plotselinge dooi op 05-02-1940 werden de weerstanden van alle motorwagens naar het dak van de wagens verplaatst om herhaling te voorkomen.

In september 1941 werden bij de versnelde 329 de SSW-sleepringschakelkasten vervangen door veelstellingen nokkenkasten met
22 rij- en 15 remstellingen, type O.F.C.R./SSW.

In 1943 verloren verschillende wagens door wegzakkende rails hun zijbaanschuivers. Door houtgebrek werden ook de overigen verwijderd. Na de oorlog keerden ze niet terug op de wagens.

Wegens elektriciteitsgebrek tijdens de tweede wereldoorlog werd op 09-10-1944 de tramdienst in Amsterdam geheel gestaakt. Om het vervoer in Duitsland bij de trambedrijven aldaar rijdende te houden besloot de Duitse bezettingsmacht dat oa. Nederland volgens "das Reichsleistungsgesetz" 20% van haar rollend materieel moest afstaan aan die voornoemde in nood verkerende Duitse trambedrijven. Dit hield in, dat van de 70 wagens(reeks 321-390) er 14 moesten worden ingeleverd. In totaal werden er 18 gevorderd(4 stuks ter compensatie voor enkele Union-wagens). De wagens 344, 346, 349-352, 354-356, 359, 361-363, 365, 378, 382, 385 en 386 werden getransporteerd per trein vanaf het terrein aan de Plantage Doklaan(achter Artis) en gingen op weg naar Dortmund, Frankfurt am Main en Wesermünde(sinds 1947: Bremerhaven). Vanaf 9 december 1944 begonnen aan de Plantage Doklaan de voorbereidingen voor de transporten per treinwagon naar Duitsland. Twee dagen later werd bijwagen 688 daar als schaftlokaal geplaatst en begon het opladen van de eerste trams. De lijst die was samengesteld bestond oorspronkelijk uit de wagens 348-354, 356, 357, 359, 361-363 en 365. In de uiteindelijke vordering zijn nog enkele wagens dus geruild. De motorwagen 356 werd vervangen door de 355, de SSW-ers 348 en 353 werden vervangen door de 344 en 346, vervolgens werd de geschrapte 356 weer de vervanger van de 357 en bovendien werden nog de wagens 378, 382, 385 en 386 aan de lijst toegevoegd, waarbij dezen als vervangers dienden voor 2 Unions en de beide Utrechtenaren 11 en 12, die van verzending verschoond bleven, vanwege het feit dat de wagens te hoog waren. Van deze serie werden op 15, 18, 19, 22 en 23-12-1944 de eerste 7 wagens uit deze reeks 321-390 op treinwagons geladen. De 349-352 en 355 waren bestemd voor de Bremer Strassenbahn A.G. te Bremen, de 361 moest naar de Rheinische Bahngesellschaft A.G. in Düsseldorf en de 354 en 362 naar de Duisburger Strassenbahn A.G. in Duisburg. Al deze 7 wagens kwamen uiteindelijk terecht bij het trambedrijf in Dortmund. De trein met 38 tramrijtuigen, waaronder de zojuist vermelde 7 exemplaren uit deze serie, vertrok uiteindelijk op 10-01-1945 vanuit ons land richting onze oosterburen. Op 22-01-1945 werden de 356 en 363 opgeladen op spoorwagons. De wagens werden de volgende dag vastgezet en gereedgemaakt voor vertrek. Op die 23-ste januari werden de 378, 382 en 344 opgeladen. De trein van 22-01-1945 vertrok in de nacht van 23 op 24 januari, waarbij ook rijtuig 378 meteen meeging. Een nacht later vertrok de trein met de rijtuigen 344 en 382. Op 24-01-1945 werden de 359 en 365 op de spoorwagon geplaatst. In de nacht van 24 op 25 januari is de trein met 7 tramwagens niet vertrokken en teruggestuurd, omdat de geladen tramwagens niet goed waren vastgezet en dit volgens de Duitse bezetters over moest worden gedaan. Hierbij waren ook de wagens 382, 344, 359 en 365 betrokken. Op 25-01-1945 werd rijtuig 346 opgeladen, waarna de trein met inmiddels 9 rijtuigen, waaronder 5 wagens uit deze serie(344, 346, 359, 365 en 382) nog dezelfde dag vertrok. Vanwege de zware sneeuwval, die op 18 januari was ingetreden, werden geen nieuwe wagens naar de Doklaan getransporteerd, zodat de Doklaan per 25 januari even leeg was. Pas op 30 januari konden weer tramwagens naar de Plantage Doklaan worden vervoerd. Er moesten toen nog 25 motorwagens en 1 bijwagen(het schaftlokaal 688) worden vervoerd, die alle t/m
13 februari naar de Doklaan gingen. Opvallend is het feit dat de beste motorwagens van het wagenpark het laatst op transport werden gesteld.
Hoogstwaarschijnlijk hoopte men op een wonder, nl. dat het Duitse Rijk spoedig ineen zou storten, zodat bij een stopzetting van de transporten in ieder geval de beste wagens nog aanwezig zouden zijn. Helaas duurde het nog tot mei 1945 eer Duitsland capituleerde. Van deze serie werden op 08-02-1945 nog de 385 en 386 opgeladen en aansluitend weggevoerd. Geen van de Amsterdamse gevorderde trams heeft tijdens de oorlogsperiode in Duitsland gereden. Het merendeel kwam in zwaar beschadigde Duitse tramremises terecht en enkele niet verder dan het spoorwegemplacement. Na de oorlog hebben wel meerdere Amsterdamse trams dienstgedaan bij de Duitse trambedrijven. De Amsterdamse trams in Bremen kregen een letter A voor het wagennummer geplaatst, maar of de wagens hier ook daadwerkelijk hebben gereden is onbekend. Medio oktober 1945 waren in Dortmund in dienst de motorrijtuigen 346, 351, 352 en 361. De 19 naar Wesermünde verzonden Amsterdamse tramwagens hebben daar allemaal dienst gedaan. Motorwagen 386 had men zelfs vernummerd in 99, terwijl de wagenkleuren getransformeerd waren tot geel-bruin.

Na de oorlog werd de tramdienst in fases hervat en met behulp van de geallieerden werd een speurtocht op touw gezet om de gevorderde exemplaren terug te halen. In de periode 13-04 t/m 27-06-1946 kwamen alle wagens terug, waarbij enkele fors beschadigd bleken te zijn geraakt bij de oorlogshandelingen in Duitsland. Alle wagens werden hersteld en kwamen in 1946/1948 weer in dienst. Rijtuig 355 werd op papier wel weer ingezet, maar in de praktijk is de wagen op inzetlijsten niet terug te vinden, zodat vermoed wordt dat de wagen in een hoekje is blijven staan en bij de ombouw tot eennrichtingswagen later viel de wagen ook net buiten de boot, zodat van een herindienststelling vermoedelijk geen sprake is geweest.

In de eerste jaren na de oorlog werd door glasgebrek nog bij vele wagens de ruiten vervangen door bordpapieren(deels gedeeltelijk) ramen. Men was door enige aldus uitgeruste bijwagens, die zo vanuit de Heimat waren teruggekeerd, op dit idee gebracht. Bij voorkeur werden de beide middenruiten dichtgespijkerd, met een minuscuul kijkgaatje; de overige ramen dienden vrij te blijven om de conducteur uitzicht te geven op het in- en uitstappen. Zo uitgerust reden de ????.

Om een doorgaande verbinding voor de treinreizigers vanaf het Amstelstation naar het Centraal Station te creëren werd per 16-02-1948 een nieuwe tramlijn ingesteld. Deze dienst reed als lijn S(Spoorweg-Dienst). De lijn hield met één dienstwagen in uurdienst een non-stop rit tussen de beide treinstations via de normale route van lijn 25. Hiertoe werden de 323 en 340 op de balkonpuien crème geschilderd en de onderste zijschotten hadden de tekst Amstelstation(wit met blauwe opdruk)-"blauw"-Centraal Station(wit met blauwe opdruk). De wagens reden in principe om en om een dag op lijn S, terwijl de andere danl op reserve stond in de remise. Op 31-03-1949 werd de speciale dienst, door de terugkeer van buslijn E, beëindigd. De beide motorwagens werden weer grijs/blauw geschilderd en kwamen terug in de normale dienst.

In 1948 werden de dubbele dwarsbanken doormidden gezaagd, zodat er een grotere ruimte ontstond voor het toenemende passagiersaanbod en een betere doorloop. De indeling werd hierbij gewijzigd in 16-42, waarbij het aantal staanplaatsen in de wagen was verhoogd tot 18 en het totale aantal passagiers nu 58 bedroeg.

In de periode 1949/51 kregen de motoren van 29 hoge AEG-ers een tweeslags-ankerwikkeling i.p.v. een drieslags. De glijlagers werden vervangen door rollagers en de tandwieloverbrenging werd gewijzigd van 17:78 in 12:81. De wagens die werden behandeld waren de 356, 357, 360-363, 365, 366, 368-375, 377 en 379-390.
Op 31-12-1949 kwam het stel 385+620 op lijn 1 in dienst als eerste kortgekoppeld stel. De 256-ers gingen de Unions vervangen.
In 1949 verdreven de 356-ers en 476-ers de Unions van de Leidsestraatlijnen. In 1949/50 werden ze aan de achterzijde voorzien van ingekorte koppelingen. Tezamen met de voor ingekorte koppeling van de 600-bijwagens ontstond een kortgekoppeld stel, waardoor men met 2 stellen op de brug in de Leidsestraat paste. De 385 werd tevens aan de A-zijde voorzien van een schakelkast uit de 476-reeks(een nokkenschakelkast van SSW(Siemens Schuckert Werke) met 11 rij- en 7 remstellingen), waarbij de schakelkast aan de achterzijde geheel werd verwijderd, evenals de treeplanken aan de linker zijde, zodat een eenrichtingswagen ontstond.
Vanaf 1950 werd de rest van de serie 356-390 langzamerhand aangepast, een proces dat in 1952 werd beëindigd. Nadat in november 1953 alsnog de 361 werd omgebouwd, werd de ombouw definitief gestaakt. De wagens 358, 359, 364, 367, 368, 376 en 379 werden niet behandeld. Bij deze ombouw werd de plaatsindeling gewijzigd in 16-45, de langsbankers kregen als indeling nu 20-33. Bij de ombouw kreeg de serie dus een SSW-nokkenschakelaar, afkomstig uit de reeks 476-490 en 446-459. Eén AEG-er kreeg eerst een
AEG-nokkenkast, afkomstig van motorrijtuig 460(11 rij- en 7 remstellingen), welke later alsnog werd vervangen door een kast uit de genoemde reeksen 446-459 en 476-490.

In het weekend van 28 en 29 juli 1951 reden bij uitzondering de stellen reeks 356+881 van lijn 2 deels op lijn 13 en reden sets 236+716 op lijn 2.

Op 22-05-1952 werden de stellen 375+782 en 382+810 als extra's ingezet op lijn 11, die normaliter uitsluitend met losse motorwagens werd geëxploiteerd.

In 1952/53 werden ook de 321-355 omgebouwd tot éénrichtingswagen, waarbij de treden links, alsmede de schakelkast op het achterbalkon werden verwijderd. Ook hier werd bij deze transformatie het aantal staanplaatsen op het achterbalkon van 12 naar 15 gebracht, waarmee het totale aantal plaatsen 16-45 werd(totale capaciteit dus 61 passagiers), de langsbankers kregen als indeling 20-33. De voorschakelkast werd vervangen door een SSW-snelschakelwals uit de 396-475-reeks(SSW-snelschakelaars(Siemens) met 22 rij- en 15 remstellingen). De vervanging van de schakelkasten verliep overigens niet zonder hink-stap-sprongen.
5 SSW-ers kregen eerst een veelstellingen nokkenkast uit de serie 461-475(SSW-snelschakelaars(Siemens) met 22 rij- en 15 remstellingen), die later werden vervangen door een veelstellingen nokkenkast uit de serie 396-445(SSW-snelschakelkast(bouwjaar 1935) met 22 rij- en 15 remstellingen).
21 SSW-rijtuigen kregen onmiddellijk deze SSW-snelschakelkast(bouwjaar 1935) met 22 rij- en 15 remstellingen.
4 SSW-ers kregen eerst een SSW-snelschakelkast(bouwjaar 1935) met 22 rij- en 15 remstellingen, die later weer vervangen werden door een SSW-snelschakelaars(Siemens) met 22 rij- en 15 remstellingen uit de serie 461-475.
Tenslotte kregen 5 SSW-ers gelijk een SSW-snelschakelaars(Siemens) met 22 rij- en 15 remstellingen uit de serie 461-475. In 1952/53 werden de wagens 321-353 behandeld, waarna in februari 1954 nog de 354 volgde. De 355 was toen in revisie(de wagenbak was reeds éénrichting), doch werd toen definitief terzijde gesteld. Bij deze ombouw verloor de 329 op 06-04-1953 zijn versnelde motoren en kreeg weer de normale D56-motoren teruggeplaatst.

Geheel recapitulerend werden dus verbouwd tot éénrichtingswagen in de periode 1949-1954 de wagens 321-354, 356, 357, 360-363, 365, 366, 368-375, 377 en 379-390 en bleven de wagens 355(tijdens revisie ombouw gestaakt en niet meer terug in dienst), 358, 359, 364, 367, 376 en 378 tweerichting. Van de omgebouwde wagens bleven rondrijden met langsbanken de wagens: de 354, 374, 379, 381, 385, 386, 388 en 389. Tweerichting met langsbanken bleven de 355(buiten dienst gezet) en de 376.

Op 05-10-1953 botste de 324 van lijn 11 op de Nieuwmarkt/Geldersekade, voor de Sint Antonieswaag, in een oplegger met aanhanger. Hierbij werd de kop van de 324 volledig verwoest. De wagen werd weer hersteld.

Op 07-05-1954 had de 377 van lijn 7 in de Kinkerstraat, op de hoek met de Da Costakade, een aanrijding met een vrachtauto, waarbij de tram flinke kopschade opliep. De wagen werd weer hersteld.

In 1954 werden de tweerichtingstrams, de 355, 359, 364, 376 en 378 terzijde gesteld in de remise Nieuwe Achtergracht. Op 17-06-1955 gevolgd door de 2 laatste tweerichtingstrams 358 en 367.

Op 27-08-1955 raakten bij een onderlinge aanrijding de 374+620 van lijn 1 en de 476+900 van lijn 2 betrokken, waarbij de beide motorwagens zware schade opliepen. Beiden werden weer hersteld.

Op 06-09-1955 botste de 382 van lijn 13 op de Burgemeester de Vlugtlaan achterop de 822 van lijn 13, waarbij beide zware schade opliepen. De 382 kwam na herstel op 22-02-1956 eindelijk weer in dienst op lijn 13.

Per 13-10-1955 nam de buiten dienst staande 358 in de CW-Tollensstraat de rangeertaak over van de R312.

Op 01-11-1955 brak om 16.30 uur in de Raadhuisstraat, tijdens een omleiding, de koppeling tussen de 373 en 630 van lijn 1. Hierdoor bleef de 630 alleen achter en werd door het stel 238_800 van lijn 13 opgeduwd naar de oude boog van lijn 14 op de kruising Rozengracht/Marnixstraat.

In 1956 begon de geleidelijke afvoer van de reeks 321-355 en verdwenen de wagens successievelijk uit het straatbeeld. Zo reden de 335 en 336 in februari 1956 buiten dienst als trekkracht voor de pekelaanhangers P16 en P17. Ook de 337 werd als pekeltrekker gebruikt. In februari 1956 werd ook de 390 als pekeltrekker in gebruik genomen.

Op 21-02-1956 werd de rangeertaak van de 358 in de CW overgenomen door de R2, waarna de 358 weer werd opgeslagen in de remise Nieuwe Achtergracht.

In de periode 01 t/m 29-03-1956 vond een sloopactie plaats, waarbij diverse wagens op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht werden gesloopt. Hierbij verdwenen ook de wagens 355, 359, 364, 367, 376 en 378. De 358 werd aansluitend ook nog gesloopt.

Door de invoering van de nieuwe wegenverkeerswet in 1957 werd gestart met de opbouw van richtingaanwijzers. Deze werden aangebracht op de lijsten tussen het dak en de ramen, waartoe de wagens van een zwakstroominstallatie moesten worden voorzien.
Op 14-07-1956 verscheen de 368 als eerste met op 4 plaatsen zo'n richtingbol(2 per wagenzijde). Op 18-07-1956 volgden de 321, 326, 333, 350 en 352, waarna langzamerhand de rest van de serie volgde.

Op     -09-1956 werd het stel 341+807 van lijn 7 in beslag genomen door de politie na een ongeval. Op 27-12-1956 was het stel nog niet vrijgegeven, omdat, naar bleek, bij Justitie de dossiers zoek geraakt waren. Niet lang daarna kwamen ze weer beschikbaar voor de dienst.

Na een ingrijpende verbouwing keerde op 27-11-1956 de 322 van Beijnes in Beverwijk terug. De wagen was grijs geschilderd. De scheiding tussen het balkon en de wagenbak was verwijderd en de wagen was weer terugverbouwd tot tweerichtingswagen. In het verwijderde interieur was een grote pekeltank ingebouwd. De 322 werd vernummerd tot pekelwagen P13. Op 28-11-1956 arriveerde de eveneens tot pekelwagen P12 verbouwde 340 aansluitend terug uit Beverwijk. Inmiddels gingen weer nieuwe wagens in ombouw, tw.: de 328, 330, 339 en 354, die als P14, P17, P16 resp. P15 terugkeerden.

Op 02-12-1956 botste de 361 op lijn 1(richting Centraal Station) op de kruising Nieuwe Zijds Voorburgwal/Mozes & Aäronstraat in de flank van Maarse & Kroon-bus 154 van lijn 9K. Beide werden hierbij zwaar beschadigd. Van de bus werd de linker zijkant fors ingedrukt, inclusief de dakrand. Van de 361 werd het voorbalkon fors ingedrukt, dan wel vernield. Na herstel kwam de 361 terug in dienst.

Met een sprong naar achteren wist de bestuurder van de 321 van lijn 7 zich naar achteren in veiligheid te brengen, toen een vrachtwagencombinatie, van Transportbedrijf Rein de Jong uit Heerde, op de kruising Plantage Kerklaan/Plantage Muidergracht voor hem opdook. Het gehele voorbalkon werd door de klap samengedrukt, terwijl het dak en de bodem zich om de laadbak heen grepen. Door deze aanrijding op 11-12-1956 werd het complete voorbalkon van de 321 in wezen weggevaagd. De wagen werd weer hersteld.

Tot half december 1956 reed de 348 enige tijd als rangeerwagen in de CW rond. De 333 reed die maand als pekeltrekker vanuit de remise Nieuwe Achtergracht.

Op 04-01-1957 werd de 348 nog in grote revisie genomen. In die periode reed de 373 vanuit de remise Lekstraat als reclametram ten behoeve van een sigarettenmerk.

Op 31-01-1957 liep de 379, die zojuist na revisie en een schilderbeurt op 24-01-1957 in dienst was gesteld, bij een aanrijding zeer zware schade op. De wagen werd toch hersteld.

In de week van 16-09-1957 werden in de remise Nieuwe Achtergracht op het voorterrein de wagens 323, 327, 331, 338, 349-351 en 353 gesloopt.

Op 24-09-1957 werden de 324-326, 332(die op 10-09-1957 nog op lijn 7 reed), 337, 342 en 352 opgeslagen in de remise Nieuwe Achtergracht. Hiervan kwamen in ieder geval de 324 en 342 later weer terug in dienst.

Op 08-11-1957 waren alle wagens van de reeks 321-355 inmiddels in de CW onttakeld, m.u.v. de nog op lijn 7 rijdende 324, 329 en 342, alsmede de leswagens 321 en 341, die na hun laatste ritten op lijn 7 op resp. 01 en 10-10-1957 hun leven vervolgden als permanente lestrams.

In de week van 13 t/m 23-01-1958 werden de 324-326, 332, 333, 337, 342 en 352 gesloopt in de remise Nieuwe Achtergracht. De nog resterende Schuckerts bleven voor werkwagendoeleinden behouden.

In 1958 werden 7 Schuckerts overgebracht naar Beverwijk voor ombouw tot pekelmotorwagen. Op 09-05-1958 werden de wagens 334, 335, 344, 345 en 348 uit de Schuckerts-reeks naar Beijnes in Beverwijk overgebracht. De resterende 2 wagens, de 329 en 346, vertrokken op 10-06-1958 naar Beverwijk.

Op 13-06-1958 werd de 369 na een truckwissel met de 1265 verder onttakeld.

Op     -06-1958 hadden de 380 en 836, beiden dienst doend als kindertrams, een onderlinge aanrijding, waarbij beiden zware schade opliepen. Voor de 380 betekende dit het einde van zijn loopbaan.

Begin juli 1958 had de 379 van lijn 7 op de kruising Kinkerstraat/Nassaukade een zware aanrijding, waarbij de wagen zware schade opliep en terzijde werd gesteld.

In de eerste helft van augustus 1958 sneuvelde de 357 van lijn 7 bij een aanrijding en werd met zware schade terzijde gesteld.

Eveneens in de eerste helft van augustus 1958 had de 362 van lijn 7 op de kruising Kinkerstraat/Nassaukade een zware aanrijding met zware schade tengevolge, waarmee de 362 terzijde werd gesteld.

In augustus 1958 kwamen de 345 en 348 gereed als pekelwagen P7, resp. P8. Een maand later volgden de 344 en 346 als P6 en P10 en daarna de 335 als P5(zou oorspronkelijk de P4 worden). Tot slot volgden de 329 en 334 als P11 en P9. De wagens kregen een grote pekeltank en kwamen allen in 1958 in dienst.

In augustus 1958 waren de 336, 343 en 347 inmiddels gedegradeerd tot pekeltrekkers.

Eind augustus 1958 waren in de remise Havenstraat nog voor lijn 7 beschikbaar de wagens 356, 361, 363, 365, 371, 373, 375, 377, 383, 384, 387 en 390, alsmede de weinig gebruikte 368 en 385. Verder werd in de remise Lekstraat de 381 een enkele keer nog ingezet op lijn 4 en 5. De overige wagens stonden inmiddels buiten dienst.

Op 11-09-1958 werden de 360, 374, 375 en 385 opgeslagen in de remise Lekstraat. De 368, 377 en 387 gingen in de Havenstraat buiten dienst.

Op 02-10-1958 werd de 384 met botsschade buiten dienst gesteld.

Op 07-10-1958 kwam de 382 na maanden van stilstand weer terug in dienst op lijn 7.

Op 10-10-1958 werden de 370 en 381 vanuit de remise Lekstraat opgehaald en kwamen in de Havenstraat weer in dienst op lijn 7, zodat er nu nog 10 reden. De 363 was inmiddels ook buiten dienst gezet.

Op 10-11-1958 werd de 361, beschadigd bij een aanrijding op 30-10-1958, na herstel weer in dienst gesteld.

Inmiddels werd een deel van het resterende wagenpark in de remise Nieuwe Achtergracht opgeslagen. Op 21-11-1958 stonden daar de 357, 362, 368, 369, 373, 377, 379, 380, 384, 385 en 386. De onderstreepte wagens hadden botsschade.

In de avond van 22-11-1958 dook het stel 356+847 van lijn 7 op de kruising Kinkerstraat/Nassaukade met zijn neus precies tussen de trekker en de aanhanger van een vrachtwagencombinatie in, die nog net vóór de tram langs wilde schieten. De 356 werd door de truck opzij geslingerd en kwam uit de rails te staan, waarbij de wagen zeer zwaar beschadigd raakte. De 356 ging terzijde voor sloop en werd opgeslagen in de remise Nieuwe Achtergracht.

Op 25-11-1958 gingen de 370, 372 en 387 buiten dienst in de remise Lekstraat, waar nu de wagens 360, 366, 370, 372, 374, 375 en
387-389 stonden. Op lijn 7 reden nu nog de nummers 361, 363, 365, 371, 381-383 en 390, waaruit blijkt dat de 363 weer was gereactiveerd.

Door een kleine aanrijding van de 363 stond deze op 24-12-1958 inmiddels buiten dienst, samen met de 381. Doch de 363 werd weer hersteld en kwam op 31-12-1958 terug in dienst.

In 1958 werd de 321 in de CW in gebruik genomen als rangeerwagen. De 341 werd zijn reservewagen.

De komst van de nieuwe enkelgelede tramserie 576-587 betekende definitief het einde van de hoge AEG-ers. De 388 en 389 werden inmiddels nog af en toe weer ingezet op lijn 4 en 5.

Op 21-01-1959 verruilden de buiten dienst staande 384 en 385 hun trucks met die van de 1289 resp. 1238.

Op 07-02-1959 botste 's-avonds in de Jan Evertsenstraat, op de halte Marco Polostraat, de 390 van lijn 7 achterop de stilstaande 794 van lijn 13(richting Mercatorplein), waarbij beide zware schade opliepen en de 390 terzijde ging. Hierdoor waren nog 5 stuks voor lijn 7 beschikbaar: 361, 365, 371, 382 en 383. In de Havenstraat stonden inmiddels buiten dienst: 356, 363, 381 en in de Lekstraat reden soms nog de 388 en 389 en stonden 7 wagens buiten dienst. De 11 eerder genoemden stonden in de remise Nieuwe Achtergracht.

Op 11-02-1959 werd gestart met de onttakeling van de 386 en 390.

Op 18-02-1959 reed ook de 363 weer op lijn 7.

Vanaf 8 maart waren nog slechts de 361 en 371 op lijn 7 onderweg en op 27-03-1959 reed er voor het laatst een AEG-er in de dienst. De 361 was de laatste, die bij toeval de lampwagen(de laatste tram van de dag werd voorzien van een extra schijf, ook wel "pitwagen"genoemd) van het Mercatorplein was die dag.

In april 1959 werd de 336 in de CW in ombouw genomen tot pekelwagen P4. Hierbij kreeg hij de kleinere pekeltank van de oude P4 met een inhoud van 4 m³. In augustus werden ook de 343 en 347 analoog in ombouw genomen tot P2 en P3. Medio 1959 kwamen ze in dienst.

Op 12-06-1959 reden wegens de sportdagen, in de omgeving van het Bos en Lommerplein, van Christelijke Scholen vanuit de remise Lekstraat 's-middags enkele kindertrams, waarvoor uit deze serie onverwachts de 361 en 389 met boldakker-aanhangrijtuigen werden ingezet. Dit was de allerlaatste keer dat een hoge AEG-er reed.

Op 16-09-1959 startte de sloop van een eerste reeks AEG-ers. Tot 19-09-1959 werden de 369, 375 resp. 368 gesloopt. De 360 en 366 werden in die periode door de P13 vanuit de Lekstraat onttakeld overgebracht naar de remise Nieuwe Achtergracht. Toen bleek dat deze niet tot deze afvoergroep behoorden, werden ze weer terug gebracht. Tot 26-09 werden gesloopt: 377, 370, 373, 362 en 379. Bij het slopen werd aan één zijde het balkon verwijderd, waarna de rest op een vrachtauto naar een sloperij in Weesp ging. Tot 30-09 werden gesloopt: 380, 386 en 390. Op 01-10 de 357, 363 en 382 en op 05-10 de 356. Op 07-10 volgde de 385 en als laatste de 384 op 08-10, waarmee deze sloopronde werd afgesloten.

Van 21-10 t/m 10-11-1959 werd de rest gesloopt. Op 22-10 verdwenen de 374, 372 en 388; op 24-10 de 361 en 365, tot 28-10 de 360, 381, 387, 383 en 389 en tot 03-11 de 366 en 371.

In oktober 1959 werd de rangeertaak van de 321 in de CW overgenomen door de 1268, waarmee de 321 en de nimmer als rangeerwagen gebruikte 341 definitief terzijde werden gesteld.

Op 11-12-1959 werd de 321 in ombouw genomen en kwam op 14-04-1960 gereed. De wagen werd weer tweerichtingswagen, kreeg een schaarbeugel en aan beide zijden één railrem. De schuifdeuren en banken werden verwijderd. De wagen werd grijs geschilderd met een gele band rond de ramen en voorzien van het nieuwe nummer R1 en werd de nieuwe permanente rangeerwagen voor de CW.

In 1962 werd de enig overgebleven grootbordesser uit de 300-serie, de 341, verbouwd tot pekelmotorwagen P1, waarbij hij de tank kreeg van de oude P1 en gelijk werd aan de P2-P4.

In hun gehele loopbaan hebben de "grootbordes" wagens op vrijwel alle tramlijnen dienst gedaan. Hieronder volgt een overzicht van hun inzet met de bijbehorende periode en trajecten(hierbij de aanvulling dat voor de oorlog de inzet op de lijnen de reeks 236-300 als de 321-390 kan betreffen en vanaf 1945 de specifieke inzet van de reeks 321-390 is aangegeven):
    - Lijn 1 (Stationsplein - Stadionstraat v.v.):
                    Op 31-12-1949 verscheen het eerste kortgekoppelde tramstel reeks 356+619 in dienst, waarna diverse stellen analoog
                    werden omgebouwd en instroomden op de lijn. Vanaf juni 1950 reden ze zowel met de bijwagens reeks 619 en 881 aan de
                    haak. In het najaar van 1950 werden ze weer uitsluitend met de reeks 619 ingezet. Tot medio zomer 1957 bleven ze hier
                    rijden, waar ze werden afgelost door de nieuwe gelede tramrijtuigen.
    - Lijn 2 (Stationsplein - Hoofddorpplein v.v.):
                    Vanaf het voorjaar van 1951 werden de motorwagens reeks 356 met de kleine middeninstapbijwagens reeks 881 ingezet als
                    vervangers bij uitval van de reeks 476. Vanaf juni 1957 werden ze nog vrijwel uitsluitend ingezet met de reeks 619 totdat in
                    het najaar van 1957 losse drieassers deze stellen vervingen.
    - Lijn 3 (Javaplein - Frederik Hendrikplantsoen v.v.(1929-1940); Van Swindenstraat - Frederik Hendrikplantsoen v.v.(1940-1942);
                    Krugerplein - Frederik Hendrikplantsoen v.v.(1942-1944); Station Muiderpoort - Frederik Hendrikplantsoen v.v.
                    (1945-1951); Station Muiderpoort - Zoutkeetsgracht v.v.(vanaf 1951):
                    In december 1931 kwamen de grootbordessers in de aanvullende diensten terecht, met de reeks 701 en 901 aan de haak.
                    In september 1932 verdwenen ze weer van lijn 3. Van april 1934 tot januari 1935 reden weer grootbordes-tramstellen in de
                    aanvullende diensten. Ook tussen 30 juli en december 1942 waren deze combinaties hier aan te treffen.
                    Vanaf september 1943 tot de oologs-stillegging op 09-10-1944 was dit wederom het geval.
                    De herindienststelling op 30 juli 1945 betekende wederom de inzet van de reeks 321-355 met boldakkers in de aanvullende
                    diensten en later ook in de basisdienst. Medio juni 1946 verdwenen ze hier weer. Een enkele keer reed sindsdien een stel als
                    extra dienst. Pas in februari 1954 keerde de reeks 321-355 in de aanvullende dienst terug, uiteraard met de bijwagens reeks
                    716. In april 1954 kwam hier al weer een einde aan en ditmaal definitief..
    - Lijn 4 (Trompenburgstraat - De Ruyterkade v.v.(1916-1921); Trompenburgstraat - Stationsplein v.v.(1921-1939); Rivierenlaan
                    - Stationsplein v.v.(1939-1943); Westerscheldeplein = Europaplein - Stationsplein v.v.(vanaf 1948):
                    Vanaf 1918 waren grootbordestramstellen aan te treffen op lijn 4. De invoering van de EMW-dienst in oktober 1925
                    betekende dat deze stellen, soms zelfs met 2 bijwagens, in de aanvullende diensten reden. Vanaf februari 1928 namen ze de
                    basisdienst weer over. Tussen januari en 3 april 1930 reden ze zelfs enkele aanvullende diensten met de reeks 901.
                    In november 1930 ruilden ze in de basisdienst de bijwagens reeks 701 in voor de nieuwe reeks 901.
                    In januari 1931 verdwenen ze geheel van de lijn. Tussen januari en september 1935 reden ze met de reeks 619 weer in de
                    aanvullende diensten. Per 1 juli 1936 namen de grootbordes-tramstellen weer de basisdienst over, om in de periode
                    oktober 1939/februari 1940 te worden afgelost door de nieuwe Utrechtenaren.
                    Na een korte oorlogsstop kwam de lijn op 01-03-1943 weer in dienst met grootbordes-tramstellen, die in oktober 1943
                    werden afgelost door Unions.
                    In de zomer van 1955 verschenen de reeks 321-355 met de bijwagens reeks 716 in de aanvullende dienst, om vanaf
                    24-10-1955 de basisdienst over te nemen. Vanaf 23 april 1956 verdwenen ze hier weer en reden de eerste weken nog wel
                    enkele aanvullende diensten en was het daarna afgelopen met de inzet op lijn 4.
    - Lijn 5 (Weesperzijde - Oostzaanstraat v.v.(1930-1939); Amstelstation - Oostzaanstraat v.v.(1939-1944); Amstelstation
                    - Stationsplein v.v.(vanaf 1945):
                    Vanaf 26 januari 1938 reden grootbordeswagens los op lijn 5. Per 28 mei 1942 verdwenen ze hier weer, ten gunste van
                    tramstellen reeks 15+619. Vanaf juni 1942 tot februari 1943 reden grootbordessers met de reeks 619 aanvullende diensten.
                    Vanaf februari 1943 verzorgden die zelfs de basisdienst, om in juli 1943 met de bijwagens 716 ook in de aanvullende dienst te
                    verschijnen. De oorlogsopheffing op 09-10-1944 betekende het einde van de inzet.
                    Op 18 juni 1945 werd lijn 5 gereactiveerd en verscheen de reeks 321-355 met de reeks 716 op lijn 5. Vanaf augustus 1945
                    werden de boldakker-bijwagens ingeruild voor de reeks 619. In april 1946 reden ze nog even met boldakkers en verdwenen
                    toen geheel. Pas in het najaar van 1953 werd de reeks 321-355 bij gebrek aan rijvaardige Utrechtenaren met de reeks 931
                    ingezet op lijn 5. Ze bleven hier regelmatig rijden tot hun buitendienststelling in 1957/1958.
    - Lijn 6 (Station Willemspark - Station MP v.v.(1922-1929); Stadionplein - Station Muiderpoort v.v.(vanaf 1929):
                    Op de tweede lijn 6, die op 22 mei 1922 de dienst aanving, kwamen grootbordes-tramstellen te rijden. In december 1931
                    verdwenen ze hier. Per 4 januari 1937 keerden ze hier terug in de basisdienst, om in november 1937 naar de aanvullende
                    diensten te verschuiven en per 9 mei 1938 geheel weer te verdwijnen. Tussen 28-08-1939 en 27-08-1940 reden ze weer
                    aanvullende diensten en vanaf 9 januari 1941 tot de tijdelijke oorlogsstop op 28-01-1942 wederom.
                    Na de oorlog keerde de lijn alleen als stadionextra-lijn terug op 7 april 1947. Tot de opheffing op 4 mei 1958 reden ze dan
                    regelmatig als stadionextra op deze lijn, waarbij de reeks 321-355 dan afwisselend met de reeks 716(t/m 1957) en
                    931(in 1950), en de reeks 356-390 met de reeks 716(1948) en reeks 881(1955). De reeks 321 was vrij veel hier aan te
                    treffen en de reeks 356 alleen in 1948 en 1955.
    - Lijn 7 (Hoofdweg - Plantage Parklaan v.v.(1931-1932); Mercatorplein - Plantage Parklaan v.v.(1932-1961); Mercatorplein
                    - Amstelstation v.v.(vanaf 1961)):
                    In december 1931 kwamen grootbordes-tramstellen op lijn 7 in de basisdienst terecht en reden daar tot de oorlogsopheffing op
                    09-10-1944. Bij de herindienststelling op 18-06-1945 kwam de reeks 356 op lijn 7 te rijden met boldakkers aan de haak(een
                    enkele keer verving een 321-er de trekkracht) en reden daar tot september 1952 in de basisdienst. Vanaf de zomer 1953
                    keerden ze terug in de aanvullende diensten, waarbij in eerste instantie de 356-ers dienstdeden en later ook de 321-ers. Tot
                    de buitendienststelling bleven beide deelseries afwisselend hier een deel van de dienst uitmaken.
    - Lijn 8 (Daniël Willinkplein - Stationsplein v.v.(tot 1936); Westerscheldeplein - Stationsplein v.v.(vanaf 1936):
                    Vanaf 19 april 1931 reden grootbordes-tramstellen in de basisdienst. Per 23-09-1935 reden de motorwagens nog uitsluitend
                    los in de dienst. Vanaf 7 december 1936 werden dit weer grootbordes-tramstellen, om vervolgens tussen 23 februari en
                    16 maart 1941 tijdelijk weer even los te rijden.
                    Vanaf 30 januari 1942 verschoven ze naar de aanvullende diensten en op 9 juli 1942 werd de lijn opgeheven.
    - Lijn 9 (Linneausstraat - Stationsplein v.v.(t/m 1931); Molukkenstraat - Stationsplein v.v.(1932-1940); Middenweg -
                    Stationsplein v.v.(vanaf 1940):
                    Grootbordes-tramstellen waren op lijn 9 aan te treffen tussen januari 1922 en 16-02-1928, alsmede tussen januari 1931 en
                    19 april 1931 én vanaf december 1931 tot de oorlogsstillegging op 09-10-1944. Na de oorlog was de reeks 321-390 hier niet
                    meer aan te treffen op een enkele uitzondering na.
                    Bij voetbalwedstrijden in de Watergraafsmeer reden de 321-ers wel als voetbalextra op lijn 9.
    - Lijn 10 (Zoutkeetsgracht - Station M.P. v.v.(tot 1940); Zoutkeetsgracht - Molukkenstraat v.v.(1940-1942); van Hallstraat
                    - Molukkenstraat v.v.(vanaf 1942):
                    Vanaf 1914 waren grootbordes-tramstellen op lijn 10 een vaste verschijning, waarbij t/m 1923 zelfs regelmatig met 2
                    bijwagens de dienst werd uitgevoerd. Tussen juli 1929 en 9 januari 1930 werden zelfs enkel aanvullende diensten met de
                    nieuwe bijwagens reeks 901 uitgevoerd. Pas in maart 1942 verschoven de tramstellen naar de aanvullende diensten, om in
                    mei 1942 geheel van lijn 10 te verdwijnen. Tussen mei 1944 en de stillegging op 09-10-1944 reden ze wederom met de
                    boldakkers in de aanvullende diensten. Lijn 10 kwam op 18-06-1945 weer in dienst en vanaf 30 juni verschenen de 321-ers
                    met de reeks 716 in de aanvullende diensten terug. Vanaf mei 1946 verschenen ze in de basisdienst. Tussen september 1948
                    en oktober 1949 reden ze in de aanvullende diensten en daarna wederom in de basis. Vanaf maart 1950 was het met de inzet
                    op lijn 10 voorbij. Begin 1954 keerden ze voor 2 maanden terug in de aanvullende diensten en daarna was slechts nog
                    sporadisch een stel als extra op de lijn te vinden.
    - Lijn 11 Lijn 11 (Insulindeweg - Stationsplein v.v.):
                    Per 14 juli 1940 kwamen grootbordes-tramstellen op lijn 11 terecht en reden daar tot de oorlogsstop op 09-10-1944.
                    Na de oorlog kwam de lijn pas op 20-12-1948 weer in dienst en werd uitsluitend met losse motorwagens bediend, waarbij ook
                    regelmatig 321-ers hier werden ingezet tot de lijn op 26-05-1955 werd opgeheven.
    - Lijn 12 (Oostzaanstraat - Stationsplein v.v.):
                    De vierde lijn 12, die op 18 juni 1945 van start ging, kende vanaf aanvang tot de opheffing op 20-01-1955 inzet van grootbordes-
                    motorwagens. Tot september 1946 reden uitsluitend bijwagens 619 aan de haak en sindsdien namen boldakkers het
                    langzaam over, om vanaf september 1947 hier de alleenheerschappij te hebben. De motorwagens waren van de reeks 321,
                    die af en toe werden afgewisseld met de reeks 236.
    - Lijn 13 (Slotermeer - CS v.v.):
                    Vanaf 1928 kwamen de grootbordes-tramstellen ook op lijn 13 te rijden en bleven daar tot de oorlogsstop op 09-10-1944.
                    Na de oorlog, de lijn startte op 18-06-1945, werden overwegend de 236-ers hier ingezet. De deelserie 321 werd op een
                    enkele uitzondering na hier niet ingezet, maar de reeks 356 werd af en toe als aanvulling of vervanging van de 236-ers hier
                    wel ingezet.
    - Lijn 13S (Mercatorplein - CS vv):
                    Vanaf de instelling van deze supplementslijn op 08-12-1927 werd de dienst onder andere door grootbordes-tramstellen
                    onderhouden. Al in 1928 verdwenen ze van deze lijn en kwamen tot de opheffing op 12-02-1931 hier niet meer terug.
    - Lijn 14 (van Hallstraat - Javaplein v.v.(tot 1928); van Hallstraat - Molukkkenstraat v.v.(1928-1931); van Hallstraat
                    - Linneausstraat v.v.(1932-1940); van Hallstraat - van Swindenstraat v.v.(vanaf 1940):
                    In 1918 verschenen grootbordessers op lijn 14, in eerste instantie met boldakkers en in de aanvullende dienst ook met de
                    reeks 619, maar de laatste combinatie verdween in 1919 van de lijn. In 1921 reden ze tijdelijk met grote voormalige
                    paardentramaanhangers reeks 501 in de aanvullende diensten. In oktober 1930 verschoven de grootbordes-tramstellen naar
                    de aanvullende diensten. Vanaf januari 1931 reden ze die diensten deels met de nieuwe bijwagens reeks 901.
                    Vanaf december 1931 verzorgden de grootbordes-tramstellen weer de gehele dienst op lijn 14. Tussen juni 1932 en
                    september 1933 verschoven ze weer tijdelijk naar de aanvullende diensten en reden ze de basisdienst met bijwagens reeks
                    619. Per 14 juli 1940 verdwenen ze van de lijn.
                    Vanaf 9 september 1940 tot de opheffing op 23 januari 1942 reden grootbordesmotorwagens los op lijn 14.
    - Lijn 15 (Station Willemspark - Molukkenstraat v.v.):
                    Vanaf 5 januari 1928 reden grootbordes-tramstellen in de aanvullende diensten tot 28 februari 1929.
    - Lijn 16 (Cornelis Krusemanstraat - Stationsplein v.v.(tot 1923); Station Willemspark(per 31-10-1938 Haarlemmermeerstation)
                    - Stationsplein v.v.:(vanaf 1923):
                    In februari 1923 maakten grootbordes-tramstellen hun opwachting op lijn 16 en reden daar tot de instroom van de blauwe
                    wagens in juni 1929. Tussen januari 1932 en februari 1934 waren de grootbordes-motorwagens in de aanvullende diensten
                    aan te treffen met de reeks 701 en 901 aan de haak. Ook tussen februari en april 1942 reden grootbordes-tramstellen weer
                    tijdelijk in de aanvullende diensten. Na de oorlog reden de reeks 321-390 in principe niet op lijn 16.
                    Alleen bij voetbalwedstrijden e.d. in het Olympisch Stadion reden ze als voetbalextra's op lijn 16 tussen 1947 en 1957.
                    Alhoewel ook vaak ander materieel hiertoe werd ingezet, waren de 321-ers en 356-ers af en toe als extra's in die periode hier
                    aan te treffen, veelal met boldakkers aan de haak. Op 26-12-1955 reed echter de 379+619 en de losse 343 als voetbalextra!!!
     - Lijn 17 (Surinameplein - Stationsplein v.v.):
                    Vanaf augustus 1919 tot oktober 1920 reden grootbordes-motorwagens met 2 bijwagens(een 701-er én een 619-er) aan de
                    haak op lijn 17, waarna deze 619-er werd ingeruild voor een 501-er. Per 8 januari 1922 verdwenen ze van de lijn.
                    Tussen 2 september 1935 en 9 september 1940 reden losse Grootbordes-motorwagens de dienst.
                    In juli 1942 kwamen grootbordes-tramstellen in de basisdienst terecht, om na 3 maanden alweer naar de aanvullende
                    diensten te verschuiven. In maart 1943 was het weer geheel gedaan. Vanaf juli 1943 tot de oorlogsstop op 09-10-1944
                    waren de stellen wederom in de aanvullende diensten te vinden.
                    Na de oorlog werd de lijn pas op 23-01-1947 herindienst gesteld en gingen grootbordes-tramstellen de dienst uitvoeren,
                    waarbij de motorwagens werden gesteld uit de deelserie 356-390, aangevuld met 236-ers. De verschuiving van de 356-ers
                    naar lijn 1 betekende in het voorjaar van 1950 het einde van de inzet van deze reeks op de lijn. Vanaf begin 1953 verscheen
                    echter toch soms weer een 356-er als vervanging van een 236-er op de lijn. Vanaf februari tot juni 1954 reed af en toe een
                    losse 356-er op lijn 17(de lijn reed sinds 4 juni 1953 met losse blauwe wagens), dit was veelal de 367 en af en toe ook de 358
                    en 384.
    - Lijn 19 (Station Willemspark - Station M.P. v.v.(2e lijn 1918-1922); Mercatorplein - Stationsplein v.v.(4e lijn in 1931):
                    Op de tweede lijn 19 begon op 15 mei 1918 de dienst met losse grootbordessers. Per 27 juni 1918 werden ze vervangen door
                    Unions met bijwagens. In april 1919 kwamen hier nu grootbordes-tramstellen te rijden en bleven hier tot de opheffing op
                    22 mei 1922. Op de vierde lijn 19, die vanaf 12 februari 1931 tot 1 januari 1932 reed, werden eveneens grootbordes-
                    tramstellen ingezet.
    - Lijn 23 (Stadionplein - Zoutkeetsgracht v.v.(1931-1957); Stadionplein - Frederik Hendrikplantsoen v.v.(1957-1958):
                    Op lijn 23 verschenen in maart 1931 grootbordes-tramstellen in de dienst, om in december 1931 hier weer te verdwijnen.
                    Van 26 mei 1942 tot juli 1942 reden ze hier wederom en vanaf september 1943 tot de oorlogsstop op 09-10-1944 wederom,
                    echter nu in de aanvullende diensten. Na de oorlog keerde de lijn op 7 april 1947 terug, echter nu uitsluitend bij activiteiten in
                    het Olympisch Stadion. Als voetbalextra's werd divers materieel ingezet, waarbij 356-ers werden ingezet met
                    boldakkers(1947/1957), met de reeks 619(1948, 1951/1952) én met de reeks 881(1952/1953).
                    De lijn werd opgeheven op 4 mei 1958, waarmee de inzet hier eindigde.
    - Lijn 24 (Olympiaweg - Stationsplein v.v.):
                    Op 17 oktober 1929 ging de lijn van start en reed in eerste instantie met losse grootbordes-motorwagens. Vanaf 10 juni 1930
                    kregen ze een boldakker aangehaakt. De ombouw van de blauwe bijwagens tot motorwagens betekende tussen
                    november 1936 en februari 1937 de geleidelijke vervanging van de stellen door blauwe wagens.
                    Vanaf december 1945 reden 356-ers regelmatig in de aanvullende dienst met boldakkers aan de haak. In december 1948
                    kwam hieraan een eind, hoewel de laatste tijd deze diensten al meestal met een 236-er werden gereden. Vanaf 7 april 1947
                    tot de zomer van 1950 waren de 356-ers regelmatig met boldakkers aan te treffen in de extra diensten tijdens
                    voetbalwedstrijden in het Olympisch Stadion.
    - Lijn 24R (Olympiaweg - Rembrandtplein v.v.):
                    Op 20-12-1932 kwam deze versterkingslijn in dienst. In eerste instantie reden hierop grootbordes-tramstellen, maar reeds
                    op 9 februari 1933 werden dit losse grootbordes-motorwagens. In 1937 verdwenen ze hier geheel. Tussen december 1939 en
                    februari 1940, tussen mei en juli 1940, alsmede tussen november 1940 en januari 1941 reden hier weer losse
                    grootbordessers. De lijn werd met de oorlogsstop op 09-10-1944 opgeheven.
    - Lijn 25 (Amstellaan - Stationsplein v.v.(1932-1939); Amstelstation - Stationsplein v.v.(1939-1944); Rivierenlaan(later
                    President Kennedylaan) - Stationsplein v.v.(vanaf 1945)):
                    Op 3 april 1930 werd lijn 25 ingesteld, waarbij grootbordes-motorwagens gingen rijden met boldakkers in de basisdienst en
                    de reeks 901 in de aanvullende diensten. In juli 1930 namen de blauwe stellen het over. In de aanvullende diensten waren de
                    motorwagens te vinden vanaf november 1930 met bijwagens reeks 701 en 931, vanaf 19-02-1931 alleen met de reeks 931,
                    vanaf juli 1931 weer met beide bijwagen-typen, vanaf 01-01-1932 weer alleen met de 931-ers, vanaf 20 december 1932
                    wederom met beide typen en vanaf medio 1933 nog uitsluitend met boldakkers. In juli 1937 verdwenen ze geheel van lijn 25.
                    Tussen september 1943 en de oorlogsstop op 09-10-1944 waren de grootbordes-tramstellen weer in de aanvullende
                    diensten te vinden. In 1945 en 1946 waren sporadisch 321-ers en 356-ers in de aanvullende diensten met boldakkers aan te
                    treffen als vervanger van de reeks 236.
    - Lijn 25R (Amstellaan - Rembrandtplein v.v.(1932-1939); Lekstraat - Rembrandtplein v.v.(vanaf 1939)):
                    Op 20-12-1932 kwam deze versterkingslijn in dienst. In eerste instantie reden hierop ook enkele grootbordessers, zowel met
                    de reeks 701 als 931 aan de haak, maar reeds op 9 februari 1933 werden dit onder andere losse grootbordes-motorwagens.
                    In 1934 verdwenen ze hier geheel. Tussen april 1940 en januari 1941, tussen maart en september 1941 en vanaf
                    april 1942(alhoewel de lijn sindsdien 3 keer tijdelijk was stilgelegd) reden hier weer losse grootbordessers. De lijn werd met
                    de oorlogsstop op 09-10-1944 opgeheven.
    - Lijn 26 (van Swindenstraat - Stationsplein v.v.):
                    Op deze op 03-12-1945 ingestelde lijn kwamen vanaf januari 1948 losse motorwagens uit de deelserie 321-355 te rijden en
                    deden daar dienst tot de opheffing op 20-12-1948.
    - Lijn S (Sneldienst Amstelstation - Stationsplein v.v.):
                    Op deze uurdienst, die reed van 16-02-1948 tot 21-03-1949, reed één dienstwagen met een aangepaste beschildering. Dit
                    was afwisselend wagen 323 of 340.
Op de lijnen 18, 20, 21 en 22 vond in de regel geen inzet van blauwe wagens plaats, maar in de praktijk kan dit uitzonderlijk wel eens plaatsgevonden hebben. De inzet in de basisdienst betekende overwegend dat het materieel van aanvang dienst tot einde dienst was aan te treffen, terwijl de aanvullende diensten met name spitsversterking betrof en/of enkele dagdiensten. Buiten deze reguliere diensten werd het tweeassig materieel nog regelmatig op de diverse lijnen ingezet als extra's, waarbij dan ook op lijnen werd gereden, waar de inzet (tijdelijk) niet gebruikelijk was.

Het verdere verloop bij de wagens vanaf de jaren 1970 tot heden is nog in behandeling en wordt in een later stadium bijgeplaatst!

  DOOR DE DUITSE BEZETTINGSMACHT  Uit Duitsland Laatste inzet
Wagennr. Aflevering In Dienst Op Lijn    Gevorderd op   Gevorderd naar  Gerepatrieerd Herindienst op Buiten Dienst   Op Lijn    Afvoer op Afvoer naar
    321  06-05-1918      -    -1918                     ---               --            ---          ---       -10-1957   lestram          11-12-1959 "in eigen beheer omgebouwd tot rangeermotorwagen R1"
    322  06-05-1918      -    -1918                     ---               --            ---          ---       -     -1956                      -     -1956 "bij Beijnes, Beverwijk omgebouwd tot pekelmotorwagen P13"
    323  06-05-1918      -    -1918                     ---               --            ---          ---       -    -1957                      -09-1957 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    324  02-05-1918      -    -1918                     ---               --            ---          ---       -12-1957       7               -01-1958 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    325  26-04-1918      -    -1918                     ---               --            ---          ---  24-09-1957                      -01-1958 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    326  30-04-1918      -    -1918                     ---               --            ---          ---  24-09-1957                      -01-1958 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    327  23-04-1918      -    -1918                     ---               --            ---          ---       -     -1957                      -09-1957 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    328  26-04-1918      -    -1918                     ---               --            ---          ---       -     -1956                      -     -1956 "bij Beijnes, Beverwijk omgebouwd tot pekelmotorwagen P14"
    329  30-04-1918      -    -1918                     ---               --            ---          ---       -     -1957                 10-06-1958 "bij Beijnes, Beverwijk omgebouwd tot pekelmotorwagen P11"
    330  02-05-1918      -    -1918                     ---               --            ---          ---       -     -1956                      -     -1956 "bij Beijnes, Beverwijk omgebouwd tot pekelmotorwagen P17"
    331  03-06-1918      -    -1918                     ---               --            ---          ---       -     -1957                      -09-1957 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    332  03-06-1918      -    -1918                     ---               --            ---          ---  24-09-1957       7               -01-1958 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    333  03-06-1918      -    -1918                     ---               --            ---          ---       -     -1957                      -01-1958 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    334  04-06-1918      -    -1918                     ---               --            ---          ---       -     -1957                 09-05-1958 "bij Beijnes, Beverwijk omgebouwd tot pekelmotorwagen P9"
    335  04-06-1918      -    -1918                     ---               --            ---          ---       -06-1957                 09-05-1958 "bij Beijnes, Beverwijk omgebouwd tot pekelmotorwagen P5"
    336  15-06-1918      -    -1918                     ---               --            ---          ---       -     -1957                      -04-1959 "bij Beijnes, Beverwijk omgebouwd tot pekelmotorwagen P4"
    337  15-06-1918      -    -1918                     ---               --            ---          ---       -09-1957                      -01-1958 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    338  15-06-1918      -    -1918                     ---               --            ---          ---       -     -1957                      -09-1957 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    339  04-01-1919      -    -1919                     ---               --            ---          ---       -     -1956                      -     -1956 "bij Beijnes, Beverwijk omgebouwd tot pekelmotorwagen P16"
    340  10-02-1919      -    -1919                     ---               --            ---          ---       -     -1956                      -     -1956 "bij Beijnes, Beverwijk omgebouwd tot pekelmotorwagen P12"
    341  26-04-1919      -    -1919                     ---               --            ---          ---       -10-1957   lestram               -     -1962 "in eigen beheer omgebouwd tot pekelmotorwagen P1"
    342  26-04-1919      -    -1919                     ---               --            ---          ---       -12-1957       7               -01-1958 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    343  10-02-1919      -    -1919                     ---               --            ---          ---       -     -1957                      -08-1959 "bij Beijnes, Beverwijk omgebouwd tot pekelmotorwagen P2"
    344  26-04-1919      -    -1919               23-01-1945         Dortmund      17-05-1946        -09-1946       -     -1957                 09-05-1958 "bij Beijnes, Beverwijk omgebouwd tot pekelmotorwagen P6"
    345  26-04-1919      -    -1919                     ---               --            ---          ---       -     -1957                 09-05-1958 "bij Beijnes, Beverwijk omgebouwd tot pekelmotorwagen P7"
    346       -07-1919      -    -1919               25-01-1945         Dortmund      19-04-1946        -09-1946       -    -1957                 10-06-1958 "bij Beijnes, Beverwijk omgebouwd tot pekelmotorwagen P10"
    347       -07-1919      -    -1919                     ---               --            ---          ---       -     -1957                      -08-1959 "in eigen beheer omgebouwd tot pekelmotorwagen P3"
    348       -07-1919      -    -1919                     ---               --            ---          ---       -     -1957                 09-05-1958 "bij Beijnes, Beverwijk omgebouwd tot pekelmotorwagen P8"
    349       -07-1919      -    -1919               19-12-1944         Dortmund      09-05-1946        -01-1947       -     -1957                      -09-1957 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    350       -08-1919      -    -1919               15-12-1944         Dortmund      11-05-1946        -01-1947       -     -1957                      -09-1957 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    351       -07-1919      -    -1919               15-12-1944         Dortmund      11-05-1946        -02-1947       -     -1957                      -09-1957 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    352       -08-1919      -    -1919               18-12-1944         Dortmund      27-04-1946        -09-1947       -06-1957                      -01-1958 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    353       -08-1919      -    -1919                     ---               --            ---          ---       -     -1957                      -09-1957 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    354       -08-1919      -    -1919               13-12-1944         Dortmund      25-04-1946        -03-1947       -     -1967                      -     -1956 "bij Beijnes, Beverwijk omgebouwd tot pekelmotorwagen P15"
    355       -08-1919      -    -1919               18-12-1944         Dortmund      02-05-1946          ---       -     -1954                       -03-1956 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    356  21-02-1919      -    -1919               22-01-1945         Dortmund      02-05-1946        -07-1947  22-11-1958       7                -10-1959 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    357  03-03-1919      -    -1919                     ---               --            ---          ---       -08-1957       7           01-10-1959 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    358  03-03-1919      -    -1919                     ---               --            ---          ---  17-06-1955                       -03-1956 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    359  26-02-1919      -    -1919               24-01-1945         Dortmund      25-04-1946        -08-1947       -     -1954                       -03-1956 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    360  03-03-1919      -    -1919                     ---               --            ---          ---       -     -1958                       -10-1959 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    361  03-03-1919      -    -1919               23-12-1944         Dortmund      27-04-1946        -07-1947  12-06-1959    kvv           23-10-1959 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    362  26-02-1919      -    -1919               22-12-1944         Dortmund      23-04-1946        -06-1947       -08-1958       7                -09-1959 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    363  26-02-1919      -    -1919               22-01-1945         Dortmund      25-04-1946        -08-1947  18-02-1959       7           01-10-1959 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    364  26-02-1919      -    -1919                     ---               --            ---          ---       -     -1954                       -03-1956 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    365  21-02-1919      -    -1919               24-01-1945    Frankfurt am Main      13-04-1946        -09-1947       -     -1959       7           23-10-1959 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    366  04-03-1919      -    -1919                     ---               --            ---          ---       -     -1957                       -11-1959 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    367  08-03-1919      -    -1919                     ---               --            ---          ---  17-06-1955                       -03-1956 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    368  08-03-1919      -    -1919                     ---               --            ---          ---  11-09-1958       7                -09-1959 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    369  08-03-1919      -    -1919                     ---               --            ---          ---       -     -1958                       -09-1959 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    370  08-03-1919      -    -1919                     ---               --            ---          ---  25-11-1958       7                -09-1959 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    371  27-05-1919      -    -1919                     ---               --            ---          ---       -03-1959       7                -11-1959 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    372  27-05-1919      -    -1919                     ---               --            ---          ---  25-11-1958       7          22-10-1959 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    373  04-03-1919      -    -1919                     ---               --            ---          ---       -     -1958                      -09-1959 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    374  04-03-1919      -    -1919                     ---               --            ---          ---  11-09-1958                 22-10-1959 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    375  04-03-1919      -    -1919                     ---               --            ---          ---  11-09-1958                      -09-1959 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    376  28-05-1919      -    -1919                     ---               --            ---          ---       -     -1954                      -03-1956 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    377  27-05-1919      -    -1919                     ---               --            ---          ---  11-09-1958       7               -09-1959 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    378  28-05-1919      -    -1919               23-01-1945         Dortmund      25-04-1946        -11-1947       -     -1954                      -03-1956 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    379  28-05-1919      -    -1919                     ---               --            ---          ---       -07-1958       7               -09-1959 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    380  27-05-1919      -    -1919                     ---               --            ---          ---       -06-1958    kvv               -09-1959 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    381  10-01-1920      -    -1920                     ---               --            ---          ---       -12-1958       7               -10-1959 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    382  10-01-1920      -    -1920               23-01-1945         Dortmund      27-04-1946        -01-1948  08-03-1959       7          01-10-1959 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    383  03-01-1920      -    -1920                     ---               --            ---          ---  08-03-1959       7               -10-1959 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    384  10-01-1920      -    -1920                     ---               --            ---          ---  02-10-1958       7          07-10-1959 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    385  03-01-1920      -    -1920               08-02-1945      Wesermünde      27-06-1946        -02-1947  11-09-1958       7          06-10-1959 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    386  03-01-1920      -    -1920               08-02-1945      Wesermünde      27-06-1946        -02-1947       -     -1958                      -09-1959 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    387  31-12-1919      -    -1920                     ---               --            ---          ---  25-11-1958       7               -10-1959 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    388  31-12-1919      -    -1920                     ---               --            ---          ---       -02-1959                      -     -1959 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    389  10-01-1920      -    -1920                     ---               --            ---          ---  12-06-1959    kvv               -10-1959 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"
    390  31-12-1919      -    -1920                     ---               --            ---          ---  07-02-1959       7              -09-1959 "in eigen beheer gesloopt op het remiseterrein Nieuwe Achtergracht"









                 






Traminfo.nl © 2003-2015 | Contact  | Colofon | Disclaimer | Links